Mijn vader kende maar één route…recht door zee. Zo ken ik hem, zo herinner ik mij hem. Toch had hij soms – meestal rond december - wat last van schijnheiligheid. Als kind had ik dat niet in de gaten. Mijn vader was mijn held en Sinterklaas een heilige die al het kinderstoute opschreef in een boek. Dat wist mijn oudste broer. Die beweerde eens niet bang te zijn voor die enge Sinterklaas en antwoordde op de vraag wat hij zou doen als hij bij de Sint moest komen met bravoure, dat hij hem in zijn baard zou poepen. Hij heeft toch benauwde momenten gekend toen hij enkele weken later voor de Goedheiligman stond en bleek dat zijn grootspraak in het boek was opgeschreven. Hoe Sinterklaas dat wist bleef een mysterie. Er was iets vreemds aan de beste man. Hij droeg dezelfde schoenen als mijn vader en wanneer ik op zijn schoot gezeten Sinterklaas Kapoentje zong, voelde dat vreemd maar ook vertrouwd.

Jaren later wist ik van het geheim dat grote kinderen en volwassenen met zich meedragen en besefte ik dat mijn vader daarin soms een belangrijke rol speelde. Het beeld van de krachtige gestalte van papa in een katoenen onderjurk werkte op mijn lachspieren.

 

Mijn ouders waren fanatieke en creatieve vijfdecember-aanhangers. Zo werd er eens tijdens een heerlijk avondje bij ons huis aangebeld. Vader deed open en vertelde geschrokken dat er een ongeluk gebeurd was en dat de gewonde bij ons binnen gebracht zou worden. Een figuur in blauwe overall, geitenwollen sokken en klompen werd - gelegen op een ladder - de huiskamer binnengedragen. Wat een toestand. Mijn ouders riepen kordaat dat de man onmiddellijk geopereerd moest worden en knoopten enthousiast de overall open. Plukken stro vlogen in het rond tijdens de operatie en het vinden van cadeautjes maakte de grap compleet. Het verhaal werd jaren later nog lachend opgehaald. Zo was er elk jaar wel iets speciaals. Niets duurs, voor iedereen een ‘vooraf afgesproken prijs- presentje’ of zelfgemaakte dingen met hilarische rijmpjes. Gezelligheid vol pepernoten en taaitaai. Het beeld van mijn moeder die cadeautjes uitdeelt vanuit een grote wasmand, blijft. Het vergeten in te pakken Sjors en Sjimmie- stripboek met de afprijssticker erop, die ik weken na de vijfde december in een hoekje op zolder vond, vergeet ik ook niet meer. Al met al herinneringen aan een warm familiefeest waar ik soms naar terug verlang.

 

Voor even wil ik dan weer kind zijn

een kind dat een presentje vraagt

 

gewoon een doosje toverstiften

in alle tinten die er bestaan

om daarmee alles in te kleuren

wat verloren dreigt te gaan

door kibbelende grote mensen

waarvan het zicht zwart/wit vervaagt

 

en als ik daarna dan tevreden

mijmeren en jaren samenvoeg

rest me enkel nog de vraag

waarom Sint Nicolaas destijds

mijn vaders schoenen droeg