Zo zacht het licht ontwaakt
doezelig de velden zoekt
vochtig nog van huiver
in de nacht
 
waar duister trage vingers trekt
voor het zich ter ruste legt
schuilend in ’t struweel
 
zo voelt het als ik opsta
niet in vroege buitenlucht
maar binnen in mezelf
 
en ja…
ik hef mijn hoofd
draag de zon op handen
naar het dagen aan de einder
 
daar herrijs ik
in een nieuwe dag